Op staande voet ontslagen en tóch een transitievergoeding

Ontslag op staande voet is een zeer ingrijpende maatregel die alleen mag worden ingezet wanneer het voortduren van de arbeidsovereenkomst écht niet meer kan worden verlangd. De werknemer raakt dan immers direct zijn baan en inkomen kwijt en de kans dat hij een WW-uitkering kan krijgen, is zeer klein. Een ontslag op staande voet mag dan ook niet lichtvaardig worden gegeven en is aan strenge regels gebonden.

Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van een dringende reden voor ontslag op staande voet worden volgens vaste rechtspraak ook de persoonlijke omstandigheden van de werknemer betrokken. Zo zijn o.a. de duur van het dienstverband en de wijze waarop de werknemer heeft gefunctioneerd van belang net als zijn leeftijd en de gevolgen van het ontslag.

Voor een dringende reden is echter niet vereist dat de aan de werknemer verweten gedraging ook aan de werknemer te wijten is. Er kan ook sprake zijn van een dringende reden die een ontslag op staande voet rechtvaardigt als deze niet, of niet volledig, aan de werknemer kan worden verweten. Bijvoorbeeld als de gedragingen van de werknemer het gevolg zijn van een ziekte (o.a. alcoholverslaving of psychische problemen) of van gedragingen van derden waar de werknemer wel bij betrokken is maar niet volledig aan hem kunnen worden toegerekend.  Het hangt dus af van de aard van de dringende reden of vereist is dat de werknemer ook een verwijt valt te maken.

Met de invoering van de WWZ is bepaald dat in beginsel elke werknemer met een dienstverband van ten minste 24 maanden recht heeft op een transitievergoeding indien zijn arbeidsovereenkomst wordt beëindigd. In geval het einde van de arbeidsovereenkomst een gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer is de transitievergoeding niet verschuldigd. Hoe zit dat dan bij een ontslag op staande voet?

In veel gevallen zal de dringende reden voor ontslag op staande voet ook betekenen dat er sprake is van ernstige verwijtbaarheid van de werknemer en hoeft er geen transitievergoeding betaald te worden. Dit is dus echter niet in alle gevallen zo. Het bestaan van een dringende reden tot ontslag betekent niet automatisch dat er ook sprake is van ernstige verwijtbaarheid. Dit zal per geval beoordeeld moet worden. Het is dus niet uitgesloten dat een werknemer die op staande voet wordt ontslagen, tóch recht heeft op een transitievergoeding. Een voorbeeld daarvan kunt u terugvinden in het artikel “Kopregel LinkedIn kost werknemer de kop”.